Pieter Flaes en G.D. Brünjes werklijst.
Jaar
Plaatsnaam
Kerknaam
Reg.
Gebouwd voor
Year
City
Church
Build for
1855
Wormerveer (opus 1)Doopsgez.kerk
2/P/18
Wormerveer (oud)
1858
Maarssen
Amersfoort
1/Pa/8
A’dam-Weeshuis -> Tesselschadestr.
1861
Soestdijk
Chr.Ger.kerk
2/P/9
Andijk-w Herv.
1862
Amsterdam
Oude Rem.kerk
2/P/24
1863
Helder den
de Driemaster
2/P/10
1863
Zaandam
Oostzijderkerk
2/P/21
1864
Harderwijk
Chr.Ger.kerk
2/P/21
den Haag Rem. kerk
1865
Goes
Oosterkerk
2/P/19
A'dam OZ-kapel
1865
Ouderkerk ad A
Herv. kerk
2/P/24
1865
Wormer
Herv. kerk
2/Pa/9
1866
Alkmaar
Doopsgez.kerk
2/Pa/8
1866
Curacao(Willm)
Ned.Port.Synag.
2/Pa/9
1866
Kwadijk
Herv. kerk
2/Pa/8
1866
Westzaan
Herv. kerk
2/Pa/17
1867
Amsterdam-buit
de Goede Herder
2/P/12
Gouda Armenkerk
1867
Oud-Loosdrecht
Herv. kerk
2/P/12
Barsingerhorn
1867
Schaarsbergen
Herv. kerk
2/Pa/8
Diemen Herv.
1868
Beets
Herv. kerk
2/Pa/8
1868
Hazerswoude
Herv. kerk
2/P/18
1868
Noordwelle
Herv. kerk
2/Pa/8
1869
Heerjansdam
Herv. kerk
2/P/13
1869
Uitgeest
Herv. kerk
2/P13
1870
den Haag
Duits Ev.Gem.
2/P/20
1870
Koog ad Zaan
Doopsgez.kerk
2/P/14
1870
Schagen
Doopsgez.kerk
2/P/9
Barsingerhorn Dps
1870
Waverveen
Herv. kerk
2/P/12
Kreil Dpsgez.
1871
Delft
Hofkerk
2/Pa/12
Grosthuizen Herv.
1871
Moordrecht
Ger.kerk
2/P/13
Gouda Rem.Ger.
1871
Zonnemaire
Herv.kerk
2/Pa/13
1872
Schellinkhout
Herv.kerk
2/Pa/12
1873
Amsterdam
"Wittenberg"
2/P/13
1873
Heerhugowaard
Herv.kerk
2/P/14
1873
Purmer
Herv.kerk
2/P/14
verbrand 1934
1874
Meppel
Chr.Ger.kerk
2/P/18
A'dam Begijnhof
1875
Beverwijk
Luth.kerk
2/Pa/10
1876
den Burg
Doopsgez.kerk
2/Pa/11
1876
Limmen
Herv.kerk
2/Pa/11
1878
N-Scharwoude
Herv.kerk
2/P/13
verbrand 1934
1879
Driebergen
Grote kerk
2/P/26
1879
Westbroek
Herv.kerk
2/P/17
Zaandijk Herv.
1880
Barendrecht
Herv.kerk
2/P/24
Medemblik Doops.
1882
St.Maartensdyk
Herv.kerk
2/P13
1883
Amersfoort
Westerkerk
2/P/19
Haarlem Doopsg.
1886
Hiaure
Herv.kerk
1/Pa/8
Aarlanderveen
1887
Middenbeemster
Doopsgez.kerk
1/Pa/7
1887
Tricht
Herv.kerk
2/Pa/10
1888
Gouderak
Herv.kerk
2/P/11
1889
Moerkapelle
Ger.Gem.kerk
2/P/17
A'dam Funenkerk
??
Reek
H. Antonius
2/P/9
onbekend
De orgelmakers Pieter Flaes en G.D. Brünjes.
Pieter Flaes werd geboren op 21 mei 1812 te Rotterdam. Samen met G.D. Brunjes (1809-1872) ontvingen zij hun
orgelmakers opleiding bij de firma Bátz te Utrecht. Deze beroemde firma was ook een leerschool voor veel andere
orgelmakers. In 1842 begonnen zij voor zichzelf te werken en vestigden zich te Amsterdam onder de naam Flaes &
Brunjes. Hun eerste kerkorgel staat in de Doopsgezinde kerk te Wormerveer en dateert van 1855. De samenwerking
met Brunjes duurde tot 1869, waarna Flaes doorging met het bouwen van orgels en Brunjes met het vervaardigen van
piano's. De pianomakerij werd later overgenomen door Goldschmeding te Amsterdam. Het orgel van Noordwelle
(1868) is een van de laatste instrumenten die zij samen gebouwd hebben. Op de speeltafel van het orgel te Uitgeest
(1869) staat alleen de naam P. Flaes. Het laatste orgel dat Flaes maakte in 1888 is dat van Gouderak. De restauratie van
dit instrument is in 1994 door de firma Flentrop voltooid. Aan het orgel van Moerkapelle is hij nog wel begonnen,
maar door zijn overlijden is het afgemaakt door Steenkuyl. Flaes heeft ongeveer 50 nieuwe orgels gemaakt en naast
nieuwbouw heeft hij een groot aantal orgels onderhouden, gerepareerd of gewijzigd. Pieter Flaes overleed op 10 juni
1889, op 77 jarige leeftijd te Amsterdam.
De orgels van Flaes (& Brunjes) kenmerken zich door fronten, die sterk verwant zijn aan het werk van hun
leermeester o.a. lijkend op het rugwerk van de nieuwe kerk te Delft. Er zijn eigenlijk maar twee typen, beide met drie
torens met zeven pijpen en daartussen, bij het ene type ongedeelde tussenvelden met pijpen met grote overlengte en
het andere type, minder vaak voorkomend, met gedeelde tussenvelden. De frontpijpen in de torens hebben hun labia
op één lijn staan. De orgelfronten van Beverwijk en Uitgeest zijn voorbeelden van het eerste type. Het orgel van
Limmen, een jaar later gebouwd dan Beverwijk is een voorbeeld van het tweede type.
Ook bij kleine orgels verdeelde Flaes het pijpwerk over twee klavieren. Het hoofdklavier bevat dan de prestanten,
aangevuld met een Bourdon 16 voet, een Cornet en afhankelijk van de grootte eventueel een Trompet. Het nevenwerk
de fluiten en strijkers. Door deze opstelling worden de gebruiksmogelijkheden aanzienlijk vergroot. Bij kleine
instrumenten staat het pijpwerk op één grote lade, bij de grote instrumenten bouwde hij het tweede manuaal als
bovenwerk in de hoofdkas van het orgel. Aan het front is dit echter niet te zien. Van kleine tot grote instrumenten is de
dispositie vrijwel geheel voorspelbaar. Het kleine instrument in Beverwijk, maar ook het wat grotere instrument in
Uitgeest ( met Trompet ) hebben het pijpwerk op één lade. In de Oostzijderkerk te Zaandam bevindt zich één van de
grote orgels, met een bovenwerk en een vrij pedaal ( eigen stemmen ), gebouwd in 1863. Het laatste instrument, dat van
Gouderak in 1888, is naar front en dispositie nog goed te vergelijken met zijn eerste orgel. Alle instrumenten van Flaes
worden gekenmerkt door een zeer degelijke bouw en een stevige, weinig boventoonrijke klank, maar zeer geschikt voor
gemeentezang begeleiding.
Het eerste orgel dat Flaes nieuw maakte
in 1855 voor de Doopsgezinde kerk te
Wormerveer
Foto van Pieter Flaes uit 1883 het origineel
(in bezit van Jaap Zwart) is in 1970
aangetroffen in een ventielkast van het orgel
van de Westerkerk te Amersfoort
Handtekening onder contract
van het orgel in Wormerveer.
Beverwijk,
Ev. Luth. kerk
Limmen.
Herv. kerk
1-klavier Middenbeemster
Willemstad-Curacao
Laatste orgel te Gouderak
Arie de Wit,
16 januari 2010